U bent hier

Jos Koffijberg: ‘Visitaties houden corporaties scherp’

Jos Koffijberg

Een visitatie geeft een professioneel en onafhankelijk oordeel over de prestaties van een corporatie. ‘Visitatie is er vooral voor de corporatie: om zich maatschappelijk te verantwoorden én om ervan te leren. Gemeenten kunnen een visitatie gebruiken bij hun lokale afspraken, huurders om hun corporatie scherp te houden.’ Dat zegt Jos Koffijberg, sinds januari 2015 directeur-bestuurder van de Stichting Visitatie Woningcorporaties Nederland (SVWN). Visitaties bestaan al lang, maar door de herziene Woningwet zijn corporaties nu verplicht zich iedere vier jaar te laten ‘visiteren’. Koffijberg vertelt meer over het belang daarvan.

U bent nu ruim een jaar directeur van de SVWN. Hoe kijkt u op het afgelopen jaar terug?

‘Volkshuisvesting kende ik goed vanuit mijn vroegere werk bij VROM. Het was leuk om nu aan de slag te gaan met het instrument ‘maatschappelijke visitatie’. Dat is in laatste vijftien jaar door de sector zelf ontwikkeld en heeft inmiddels een behoorlijke staat van dienst. In het afgelopen jaar is veel ervaring opgedaan met de vernieuwde visitatiemethodiek. Die laat huurders en gemeenten nog nadrukkelijker aan het woord en zet alle betrokkenen nog meer aan tot kritische reflectie en leren.

Daarnaast was het ook een spannend jaar vanwege de herziene Woningwet en de dynamiek die dat met zich meebrengt. De kunst is om achter alle nieuwe regels en financieel-technische veranderingen oog te houden voor de maatschappelijke uitdagingen voor corporaties. Die staan immers centraal in de visitaties. We volgen dus goed wat er onder invloed van de Woningwet gebeurt.’

Wat is het meest opvallende dat volgens u uit de visitaties blijkt?

‘De visitaties maken transparant wat een corporatie de afgelopen vier jaar heeft gedaan op het gebied van prestaties, inzet vermogen, governance en wat de gemeente en huurders daarvan vinden. De visitatiecommissie die langskomt kijkt goed wat de corporatie heeft gedaan en waarom, welke keuzes er zijn gemaakt en wat de buitenwereld daarvan vindt. De visitatie draagt dus bij aan de maatschappelijke legitimatie van de corporatie. Overigens gaat het in de visitaties vooral om prestaties in het licht van de lokale opgaven en (prestatie)afspraken. Op dit punt kunnen we corporaties daarom niet zomaar onderling vergelijken. Dat kan bijvoorbeeld wel op het onderdeel governance.’

‘Door de visitaties komen gemeenten en huurders meer te weten over het vermogen van een corporatie en waarvoor dat wordt ingezet’

Hoe staat het dan met de governance, vooral met het interne toezicht en naleven van de governancecode woningcorporaties?

‘Uit analyses van de visitatierapporten blijkt dat het interne toezicht de afgelopen jaren over het algemeen is verbeterd en dat de governancecode beter wordt nageleefd. De corporatiesector heeft zelf hieraan veel aandacht besteed. En ook de parlementaire enquête heeft ongetwijfeld invloed gehad. Maar we zien ook dat vooral kleine corporaties nog moeite hebben met het naleven van de governancecode. Administraties zijn vaak niet op orde. En regelmatig zien we dat commissarissen veel langer in functie blijven dan mag. Tegelijkertijd staan kleinere corporaties vaak weer dichter bij de huurders.’

In een visitatie kunnen huurders en gemeente vertellen wat ze van de corporatie vinden. Ziet u verschillen in hun oordelen?

‘Het is opvallend dat huurders in de meeste gevallen iets kritischer zijn over het functioneren van een corporatie. Vooral op punten die hen nauw aan het hart gaan, zoals de betaalbaarheid. En daar waar huurders en gemeenten een goede band met de corporatie hebben, is de waardering het hoogst. Het loont dus voor een corporatie om te investeren in een goede relatie. Uiteraard ligt deze conclusie voor de hand, maar het wordt nu ook een keer bevestigd in de cijfers. In veel gemeenten hebben wethouders het gevoel dat ze 2-0 achterstaan op de corporatie, omdat de kennis en informatie bij corporaties vaak veel groter is. Door de visitaties krijgen ze een kans om meer te weten te komen over bijvoorbeeld het vermogen van een corporatie en waarvoor dat wordt ingezet. Voor huurders is de visitatie een goede gelegenheid om echt te zeggen wat ze van de corporatie vinden.’

Welke veranderingen zijn het afgelopen jaar ingevoerd? En wat zijn de plannen voor de toekomst?

‘De leercyclus is versterkt. Zo moet het bestuur van een corporatie nu voorafgaand aan de visitatie een position paper schrijven, een lichte vorm van zelfevaluatie, over wat ze hebben gedaan, waar ze nu staan en wat hun ambities zijn. Het gesprek met de huurders en gemeenten is verbeterd en de corporaties (bestuur en Raad van Commissarissen gezamenlijk) moeten nu ook een bestuurlijke reactie op het visitatierapport geven. Dit alles is bedoeld om het leervermogen te verbeteren. Daarnaast is er een aanvullende Handreiking geschreven vanwege de herziene Woningwet, met ook aandacht voor de rijksprioriteiten betaalbaarheid, duurzaamheid, wonen met zorg en het huisvesten van urgente doelgroepen. Daar wordt in de visitaties van oudsher al naar gekeken, maar deze onderwerpen krijgen straks wat meer accent.

Het komende jaar willen we bekijken hoe we de visitaties nóg sterker kunnen richten op de kritische dialoog over belangrijke keuzes van de corporatie. Welke afwegingen maakt de corporatie, gegeven de lokale opgaven, gemaakte afspraken en de beschikbare middelen? Heeft ze goed daarover nagedacht en de belanghebbenden actief erbij betrokken? Verder zoeken we manieren om meer te halen uit de gesprekken met de huurders en de gemeenten. Die gesprekken moeten face-to-face plaatsvinden. Maar ik kan mij voorstellen dat we meer digitale technologie gaan gebruiken om nog meer huurders bij de gesprekken kunnen te betrekken. En tot slot verkennen we wat we op het gebied van informatie-toelevering kunnen verbeteren. Hoe kunnen we nog beter gebruikmaken van de informatie die er al is?’

Meer informatie: www.visitaties.nl